Wie de duivel aait

Wie zal ze verbrijzelen met
Terwijl men bespeurt
Het welk van God zelf gegeven werd

Waar zij te ver gaan
Moet hij ze berijden en overwinnen
De begeerten der menselijke natuur
Zo te matigen

Tot hier en niet verder
Als de grond onzer behoudenis
Evenwel leert het ons niet
Dat die schuldbetaling zij
Om van zonde verlost te zijn

Men voelt lichtelijk
Hoezeer het ondoenlijk is
De duivel op het spoor te volgen
Met verbazing op eenzame wegen
Terwijl de rechte lijn verwijdert word

Waarheid schijnt het te zijn
Hoe schoon het zonderling luidt
Van welke hij weetgierige
Bovenal mindere miswijzing
Ontdekken zal in het duister licht

Wie de duivel aait

Jean Pascal Salomez