Ondernemen in Nouvelle-Calédonie

Ondernemen in Nouvelle-Calédonie

De tropische droom, het Franse rijk. Het lijkt een gaullistische traditie voor Frankrijk het hebben van overzeese gebiedsdelen. In termen van ‘koloniën’ en ‘dekolonisatie’ stelden ze zich nooit vragen.

Back on the wall

Een reeks Franse bezittingen ging verloren in de loop van de 18e en begin 19e eeuw, waarna opnieuw een sterke gebiedsuitbreiding ontstond.

Daarom spreekt men vaak van een eerste en een tweede Frans koloniaal rijk. De overblijfselen van dit imperium staan nu bekend als Overzees Frankrijk, la France d’outre-mer, en worden beschouwd als een onderdeel van de Franse Republiek.

Frankrijk wordt vol, vonden de Fransen, en daarom was er dringend extra ruimte nodig. Het land was na Rusland het meest volkrijke land van Europa. Op slechts een paar duizend kilometer voor de kust van zowel Nieuw-Zeeland en Australië ligt in de Stille Oceaan de archipel Nieuw-Calédonie, bestaande uit zes bewoonde en enkele onbewoonde eilanden. Het hoofdeiland wordt Nieuw-Caledonië genoemd, en verder zijn er de Loyaliteitseilanden, waarvan Maré, Lifou en Ouvéa de belangrijkste zijn, en een aantal kleinere eilanden. Deze eilandengroep werd in 1853 door Napoleon geannexeerd. In den beginne was Nieuw-Calédonie voor de Fransen een strafkolonie.

Nieuw-Calédonie heeft ondertussen een speciale status als gevolg van de Overeenkomst van Nouméa uit 1998. Hierin besloten Frankrijk en Nieuw-Caledonië om in een overgangsperiode van vijftien jaar alle bevoegdheden van de Franse staat over te hevelen naar Nieuw-Caledonië, met uitzondering van justitie, defensie, veiligheid en muntzaken. Na afloop van deze periode in 2014 en ten laatste in 2019, zou een referendum worden gehouden over de vraag of het gebied volledige onafhankelijkheid moet krijgen. Ondertussen, in 2016, lijkt de Franse overheersing te blijven zegevieren, is er van onafhankelijkheid weinig te bespeuren.

Maar onafhankelijk of niet, de oorspronkelijke bewoners zullen een zware tol betalen voor die onafhankelijkheid. De verankering blijft zolang zolang de bevolking dat wil. De Fransen weten immers altijd beter dan anderen wat goed is. Dat komt voort uit een Napoleontische cultuur, en een enorme paranoia op de ministeries. Ondertussen is het overgrote deel van die bevolking Frans van origine, de Kanaken in de minderheid. De emigratiestroom naar dit Franse grondgebied in een tropische verpakking, die geen gewoon departement is, maar toch weer wel bij Frankrijk hoort, stijgt dezer dagen. De onrust in Europa draagt daar zijn steentje toe bij. De lijst met curieuze voordeeltjes is er dan ook lang en aantrekkelijk. En Europa helpt de Fransen daarbij. Want wat bedoeld was als een investeringsprikkel voor economisch achtergebleven regio van Frankrijk is verworden tot een fiscale faciliteit voor rijkaards. Het ondernemen in de overzeese gebiedsdelen heeft aantrekkelijke kanten. Wie investeert krijgt bijna geld toe. Werkgeverspremies zijn er laag, als zij al bestaan. Betalen doe je er nog steeds met de CFP Franc, ofwel de French Pacific Franc, de munteenheid die in de Franse overzeese gebieden gebruikt wordt.

Het zoeken naar geschikte handelspartners kan evenwel frustrerend en een lastige taak zijn in Nieuw Calédonie. Zoals in Frankrijk is de administratie enerverend moeilijk,  is het zeer noodzakelijk de juiste man, of vrouw, op de juiste plaats te kennen. Nieuw Calédonie staat net als Frankrijk bekend om een publieke sector met een strakke bureaucratische regelgeving. Persoonlijke contacten en netwerken zijn een must. Vaak worden beschikbare handelsmogelijkheden niet in het openbaar geadverteerd, maar opgevuld door mensen die reeds bestaande contacten met het bedrijf hebben. Effectief netwerken is zeer noodzakelijk en een manier om nieuwe mogelijkheden te ontdekken en alvast een ‘voet tussen de deur’ te krijgen.